Over smaak valt niet te twisten, maar de eerste vijf van de keukenkruiden Top-10 wil niemand missen.
Bieslook is lekker in rauwkost, soepen en aardappelgerechten. Peterselie past bij worteltjes en aardappelkroketten. Rozemarijn en tijm kun je bij stoven en braden van vlees gebruiken, vers of gedroogd. Vooral heerlijk bij lamsvlees. Tijm bevordert de spijsvertering, wat bij bonen en peulvruchten van
pas komt. Dille wordt gebruikt bij visgerechten. Het blad is smakelijk en decoratief.
De andere Top-10 kruiden zijn bonenkruid, laurier, selderij, lavas en salie. Ze mogen allemaal worden meegekookt of -gebraden. Bonenkruid stimuleert de spijsvertering. Smaakt goed bij verse tuinbonen, maar ook bij peulvruchten. Kan worden gedroogd. Laurier is een mooie wintergroene kuip- en terrasplant, die geurig blad levert voor stoofgerechten. Snijselderij is een uitgesproken soepgroente met een karakteristieke smaak. Ook lavas is een soepplant.
Gebruik geurige stengelstukken als je bouillon trekt. Het sterke aroma van salie past bij vette gerechten zoals paling en gebraden wild.
Veel zon en warmte hebben rozemarijn,
tijm, salie, bonenkruid en laurier nodig. Basilicum, heel lekker bij tomaten, is zo'n grote koukleum dat in koele zomers de vensterbank geschikter is clan buiten. Voor schaduw en vochthoudende grond komen bieslook, peterselie, selderij, lavas en citroenmelisse in aanmerking.
Geef planten in potten 's zomers voldoende water en maandelijks voeding. Ze staan leuk, ook op een balkon. |